Talloze dieren

De bodem van de Waddenzee krioelt van het leven. Veruit het rijkste gebied vormen de mosselbanken, waar de grote hoeveelheid mosselen en andere planten en dieren een gedekte tafel vormen voor veel vogels en vissen. Naast schelpdieren zijn wormen, wadslakken en slijkgarnalen enorm talrijk in deze ondiepe delen van de Waddenzee.

In dieper water profiteren vissen van de grote hoeveelheid voedsel en de warmere temperaturen. De meeste vissoorten die in de Waddenzee leven, verblijven niet permanent in het gebied. Veel Noordzeevissen gebruiken de Waddenzee als kraamkamer. Schol of haring vind je alleen in hun jonge maanden in de Waddenzee. Voordat ze volwassen worden trekken ze naar de Noordzee. Bij de bot is dit precies andersom. Zij groeien juist op in de Noordzee en trekken daarna naar de Waddenzee. Sommige vissen, zoals de zee- en rivierprik, gebruiken het waddenzeewater alleen om van de open zee naar de rivieren te komen. Zo'n twintig vissoorten verblijven permanent in de Waddenzee. De puitaal en zeedonderpad zijn bodemvissen die hun hele leven in de Waddenzee doorbrengen.

Zeezoogdieren, zoals de gewone zeehond, de grijze zeehond en de bruinvis profiteren weer van de vissenrijkdom van de Waddenzee. Gewone zeehonden zijn helemaal aangepast aan de dynamische zee , waar hun rust en zoogplaatsen twee keer per dag onder water komen te liggen. Tijdens hoog water jagen ze in de ondergelopen Waddenzee of de naastgelegen Noordzee.

Watch the movie 'Harbor seals in the Wadden Sea' (© Cinedesign/Kaufner)

In de Waddenzee leven meer dan 30.000 gewone zeehonden. Vanaf de dijken, duinen of de veerboot is de kans daarom groot dat je ze in het water ziet zwemmen of op een zandplaat ziet liggen. Grijze zeehonden zijn lange tijd afwezig geweest, maar komen nu langzaam terug. Tijdens de verharingsperiode verblijven er meer dan 2000 grijze zeehonden in de Waddenzee. Deze zeehonden zwemmen geregeld heen en weer naar de Britse kust. Ook bruinvissen maken gebruik van zowel de Noordzee als de Waddenzee. De noordelijke Waddenzee is erg in trek bij volwassen vrouwtjes met jongen. Daarom is bij Sylt en Amrum een speciaal reservaat opgericht.

Door de grote hoeveelheid voedsel en de rust die er heerst, is de Waddenzee bijzonder belangrijk voor broedende, ruiende en overwinterende vogels. Vogels broeden graag in de kwelders en duinen of op de graslanden en stranden. Het grootste deel van de broedvogels bestaat uit meeuwen, zoals de kleine mantelmeeuw en de zilvermeeuw. Maar ook steltlopers broeden volop in het waddengebied. Voor de lepelaar, kluut, grote stern en lachstern is de Waddenzee veruit het belangrijkste broedgebied.

Haast nog belangrijker dan de rol als broedgebied, is de rol van de Waddenzee als overwinteringsgebied en tankstation voor trekvogels. Doordat zoveel vogels gebruik maken van de rijkdom, rust en ruimte van dit gebied, zijn er op sommige momenten wel 6,1 miljoen vogels aanwezig in de Waddenzee. In totaal passeren er jaarlijks 10-12 miljoen trekvogels, bestaande uit steltlopers, ganzen, eenden en meeuwen.

In de Waddenzee ruien grote aantallen bergeenden en eidereenden. In de zomer verzamelt bijna 80% van de Europese bergeenden zich in Dithmarschen, bij het eiland Trischen , om hun veren te vervangen. In die periode kunnen ze een aantal weken niet vliegen en zijn ze erg afhankelijk van dit rustige gebied. Zonder de Waddenzee zouden verschillende Europese vogelsoorten bedreigde diersoorten zijn of zelfs zijn uitgestorven.